Meedenkende timmerlieden
Het is half april 2008. Op de bouwplaats van de school voor beroepsonderwijs in Heerenveen zijn dagelijks bijna dertig mensen aan het werk. De meesten van hen zijn ingehuurd, en dus in dienst van onderaannemers. Met uitzondering van de timmerlieden Harm van der Wal, Lute Elsinga, Remco de Vries en Hendrik Jonker. Dit kwartet staat bij Bouwgroep Heerenveen op de loonlijst.
Bouwgroep Heerenveen is een relatief kleine aannemer, zeggen ze, maar tegelijk ook groot, als je ziet welke projecten het bedrijf inmiddels heeft gerealiseerd. Over dat ene heel grote project, waarmee Bouwgroep Heerenveen zichzelf op de kaart zette (De Tjongerschans), zijn de meningen verdeeld. ,,Ik voelde me er als een vis in het water”, zegt Lute, de oudste van de vier, en de man met een schat aan praktijkervaring. ,,Het was prachtig om dat mee te maken.” Nog even en hij mag met de vut. Remco zou er eind 2001 voor drie weken invallen, zo was het plan. Voor een collega die een pink had gebroken. ,,Maar van het een kwam het ander, zodat ik er bijna onafgebroken aan het werk ben geweest. Bijna zes jaar lang.”
In het begin was hij geïmponeerd door de omvang van de bouw, zegt hij. ,,Ik was het werk bij Van der Schaaf gewend. Als we daar een woning bouwden, was dat al een grote klus.” Maar ook grote projecten wennen. ,,Al hebben we hier, bij de bouw van de school, meer eer van ons werk, vind ik. Als we aan iets beginnen, mogen we het ook afmaken. Bij het ziekenhuis verdween veel van ons werk achter plafonds en wanden die weer door anderen werden gedaan.” Hendrik valt hem bij. Hij werkte slechts even mee aan het ziekenhuis. Het beviel hem maar matig. ,,Het mooie is dat daarmee bij Bouwgroep Heerenveen rekening wordt gehouden. Ik kon aan het werk bij een andere klus, in Meppel. Dat werk lag me veel beter.”
Harm hoort de verhalen van zijn collega’s rustig aan. Hij is assistent-uitvoerder en in die functie de schakel tussen de timmerlieden, die het werk moeten uitvoeren, en uitvoerder Halbe van der Valk, die de instructies van de projectleider op kantoor vertaalt naar de situatie op de bouw. ,,Allemaal in goed onderling overleg”, zegt Harm. ,,Dat gaat ongeveer zo: op kantoor wordt de planning gemaakt, Halbe werkt de details uit en wij zorgen voor de verfijning. Wij denken mee.” Terug naar een piepkleine aannemer, zoals vroeger, zouden ze niet willen. ,,Dit is gemakkelijker en meer relaxt werken”, zegt Remco. ,,Omdat het veel meer georganiseerd is, kun je je veel beter op je eigenlijke werk concentreren.”
